Endoprothese ofEVAR

Omdat een klassieke ingreep voor aneurysmavorming ter hoogte van abdominale aorta en bekkenvaten een ernstige lichamelijke belasting vormt voor de patiënt en ernstige risico’s inhoudt, zijn er minder invasieve alternatieven ontwikkeld.

Deze endovasculaire aortaherstel procedures of EVAR procedures zijn echter alleen mogelijk als de anatomie van het aneurysma en de omliggende vaten het toelaten.

Bij aneurysmavorming ter hoogte van een bekkenvat (arteria iliaca) of de abdominale aorta is een ingreep geïndiceerd en toegelaten als de iliacadiameter meer dan 30 mm bedraagt, of de aortadiameter 55 mm (man) en 50 mm (vrouw).

U wordt opgenomen de dag van de ingreep. De ingreep gebeurt onder algemene verdoving.

Via 2 kleine liesincisies wordt de prothese in twee of meer stukken in de arteria iliaca en de aorta naar boven opgeschoven en in elkaar gepast. De gemonteerde endoprothese bevindt zich dus in de aorta en arteria iliaca en in het aneurysma, zodat de druk op de zieke bloedvatwand wordt weggenomen en het aneurysma van bloedvoorziening wordt uitgesloten.

Na de ingreep verblijft U 1 nacht op de dienst intensieve zorgen. Risico’s zijn technisch een probleem bij het opbouwen van de prothese in het aneurysma, bloedingen, en cardiaal. Een dringende open ingreep kan nodig blijken.

De dag na de ingreep kan U naar de kamer, en de dag daarop naar huis. Thuis dient een verpleegster nog 10 dagen een spuitje heparine in de buikwand te geven, en dienen de lieswonden nog 10 dagen verzorgd te worden. De haakjes in de lies mogen na 10 dagen uit gedaan worden door thuisverpleegster of huisarts.

U dient na 3, 12 en 24 maanden een controle CT te krijgen. Nadien is verdere opvolging wenselijk omdat soms meer laattijdig een aanvullende procedure nodig kan zijn bij bv. een endoleak (lek inwendig in de aneurysmazak).

Algemeen slagaderlijden

Overzicht van de klachten

Slagaderen of arteries zijn aanvoerende bloedvaten en ze voorzien de weefsels van de noodzakelijke zuurstof en voedingsstoffen. Deze arteries kunnen vernauwen (stenoseren) of dichtslibben (occluderen) vooral als gevolg van roken. Ook oa. diabetes, erfelijkheid, leeftijd, hoge bloeddruk en cholesterol kunnen slagaderproblemen uitlokken. Een deel van de behandeling is dan ook deze uitlokkende factoren corrigeren voor zover mogelijk.

De klachten zijn afhankelijk van de ernst, de uitgebreidheid, de lokalisatie en de snelheid van het vernauwen of dicht gaan van de slagader. In de benen gaat het van etalagebenen (claudicatio) naar pijn in rust tot het optreden van wonden of afsterven van weefsels. Naar de hersenen kan het een beroerte uitlokken, in de darmen een infarct. De slagaderen kunnen ook uitrekken (dilateren), wat in de buik kan leiden tot scheuren van een aneurysma (hartaderbreuk).

Er zijn voor al deze problemen meerdere behandelingsmogelijkheden, en wordt wordt steeds gezocht naar de minst invasieve en meest efficiënte optie. Opvolging nadien is zeer belangrijk omdat het probleem wel kan behandeld worden maar niet altijd genezen : soms zijn de jaren eropvolgend nieuwe procedures noodzakelijk.

Plaats van de klachten

Buikslagader

De abdominale aorta of buikslagader is de hoofdslagader die doorheen het middenrif komt, en op de wervelzuil achter de ingewanden in de buik verloopt. Ter hoogte van de navel splitst deze naar de beide liezen toe. De abdominale aorta kan zoals alle slagaderen vernauwen (stenoseren) of dichtslibben (occluderen). Risicofactoren zijn dezelfde als bij slagaderlijden in het algemeen.

Een specifiek probleem met deze aorta is dat deze ook kan verwijden en zo een aneurysma vormen (AAA of abdominaal aorta aneurysma). Als dit aneurysma scheurt (ruptuur), is dit acuut levensbedreigend (‘hartaderbreuk’). Er zijn erfelijke factoren bij deze problematiek (U laat dus best uw bloedverwanten screenen als U dit heeft).

Bij stenoseren van de abdominale aorta geeft dit lagerop een tekort aan doorbloeding. In de benen geeft dit bv. beperking van de wandelafstand of wonden, bij mannen kan dit potentieproblemen mee veroorzaken (Leriche syndroom).
Bij aneurysmavorming voelt de patiënt lange tijd niks. Soms geeft dit wat druk op de maag of ingewanden met vage buikklachten tot gevolg. Bij forse druk op de wervelzuil is er soms atypische rugpijn.
Bij scheuren is er soms beeld van een nierkoliek, buikpijn, bloeddrukval en dood.

Diagnose wordt gesteld met echo en aanvullend CT/NMR.